Hij zet ons in beweging
EN
Ga naar inhoud

De drie fasen van geestelijk verval in de gemeente

Het onderscheiden van de geestelijke staat van verval van een gemeente.

Erik SmitErik Smit
De drie fasen van geestelijk verval in de gemeente

Inleiding


Het onderscheiden van de geestelijke staat van een gemeente is geen eenvoudige taak. Een gemeente bestaat immers uit mensen met verschillende achtergronden, inzichten en levenswandel. Toch laat de Schrift een duidelijke lijn zien wanneer een gemeenschap in geestelijk verval terecht komt. 


Net zoals bij het individu, is er ook bij de gemeente sprake van een weg die bewandeld wordt. Psalm 1 beschrijft voor een individu drie stappen van verval:

A. wandelen in de raad van goddelozen

B. staan op de weg van de zondaren

C.    zitten in de kring van spotters


Wat begint als een beweging eindigt in een positie. En wat begint als beïnvloeding eindigt in een identiteit. Deze drie stappen zijn niet zomaar neergeschreven door de Psalmschrijver. In de Hebreeuwse denkwereld wordt vaak gewerkt met een opbouw van drie, die toewerkt naar een climax of naar een voltooiing (artikel hierover volgt nog). Is er ook zo’n drietrap zichtbaar in het verval als we kijken naar een gemeente? Wanneer we kijken naar de tempel en naar het optreden van Jezus, zien we dat dit inderdaad het geval is.



De tempel als blauwdruk


De tempel is in de Schrift het huis van God, de plaats waar God woont te midden van Zijn volk. Als eerste werd de tabernakel gebruikt in de woestijn na de uittocht uit Egypte. Daarna werd de tempel gebouwd door Salomo in Jeruzalem en vervolgens openbaart Jezus Zichzelf als de tempel (Johannes 2:19). En vervolgens is de gemeente geworden tot de tempel van de Heilige Geest (1 Korinthe 3:16). De tempel is niet slechts een gebouw maar ook een spiegel van de geestelijke toestand van Gods volk. En als de tempel wordt aangetast is dat een teken dat het hart van het volk wordt aangetast. In het optreden van Jezus zien we drie opeenvolgende fasen van verval.


1.      Verkoophuis

In het begin van Jezus' bediening op aarde ging Hij met Pascha naar de tempel. Hij trof daar een weelderige markt aan met handelaars en geldwisselaars. Er werd flink verdiend met de verkoop van offers en aan het wisselen van geld. De dienst aan God is daar vermengd geraakt met handel, winst en economisch denken. Jezus komt de tempel binnen maakt hier korte metten mee. Hij maakt daarbij ook een statement.


‘…maak niet het huis van Mijn Vader tot een huis van koophandel’ (Johannes 2:16) 


De gemeente is niet ingesteld door God als bedrijf en de eredienst wordt niet gehouden met als doel om producten te verkopen of om zoveel mogelijk collectegeld binnen te krijgen. De gemeente is geen boekwinkel, geen bank, geen café, geen grootgrondbezitter of evenementaanbieder. 


Het is een teken aan de wand als een gemeente die kant op schuift, dat de aandacht verschuift van God naar middelen. Dat geld en organisatie leidend worden. Activiteiten worden afgerekend op resultaat en/of opbrengt. Ook wordt de eredienst vaak zakelijker en functioneler.



2.      Rovershol

Bijna aan het einde van Jezus aardse bediening, net na Zijn intocht in Jeruzalem, gaat Hij weer naar de tempel. Opnieuw trof hij daar een weelderige markt aan waar veel omzet wordt gegenereerd en woeker winsten worden gemaakt. En ook deze tweede keer maakt Jezus hier korte metten mee. En ook nu weer maakt Hij een statement:


'Mijn huis zal een huis van gebed genoemd worden; maar u hebt er een rovershol van gemaakt.' (Mattheüs 21:13)


Opvallend is dat Jezus dit keer 'rovershol' zegt in plaats van 'verkoophuis'. Verkopers verkopen een product aan een koper. Dit in tegenstelling tot rovers. Zij ontnemen iets zonder er iets voor terug te geven of ze houden iets achter waar de ander recht op had. De zonen van Eli waren zulke mensen die dienden in de tabernakel. Daar beroofden zij het volk en deden veel onrecht voor hun eigen gewin (1 Samuel 2).


De kenmerken van deze fase zijn dat de leiders zich vaak verrijken en op andere wijzen misbruik maken van hun positie. Dat ze de zwakken benadelen. Er is vaak manipulatie en een grote mate van controle aanwezig. Er wordt niet rechtvaardig meer gehandeld. Het zijn gemeenten waar het geld dat bestemd is voor de weduwen en wezen opgemaakt wordt door de voorganger, betaalde krachten en het gebouw. En waar soms gebruik wordt gemaakt van indoctrinatie of angst om geld af te troggelen.



3.      Huis van een mens

Vanaf Jezus' tijd is de tempel de gelovigen zelf. Paulus zegt ‘Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont?(1 Korinthe 3:16). Als Jezus Zijn tempel bezoekt wat zal Hij dan aantreffen? Wat vindt Hij dan op de troon, de Geest van God, of het individu? Het individu dat zichzelf tot god heeft gemaakt en zelf bepaalt wat wel en niet kan, wat goed is en fout, wat waarheid is en wat genade. 


De kenmerken van de fase is dat het Schriftgezag is losgelaten, dat de waarheid relatief is. En de gemeente vormt God naar haar eigen beeld. In deze derde fase is God uit de tempel verdreven, en er zijn allerlei vormen van afgoderij aanwezig.


Deze drie fasen zijn vaak een glijdende schaal. In de eerste stap ontstaat de gedachte dat we meer zoals de wereld moeten gaan denken, in geld, in omzet en marketing, in plaats van God zoeken in onze noden. De volgende stap is dat er onrecht, bedrog en oneerlijkheid bij komen. De derde fase is dat we God buiten de deur zetten en de waarden van God helemaal overboord gooien. Wij gaan zelf wel bepalen wat kan en wat niet. Het is van handel naar roof, van roof naar afgoderij.



Conclusie


De gemeente is door God bedoeld als een huis van gebed, een plaats van heiligheid en een woning van de Heilige Geest. De gemeente is niet bedoeld als onderneming of bank. Het draait om God en Zijn waarden. Het denken in geld en winst verstoort het gebed, verzwakt de toewijding en ondermijnt het gezag van Gods woord. En uiteindelijk verdringt het de aanwezigheid van God Zelf.



Aanbevelingen


De weg terug van een gemeente in verval begint met eerlijk geestelijk onderzoek. En vervolgens handelen zoals Jezus ons dit voordeed. Hij zei: Neem deze dingen van hier weg (Johannes 2:16). Hij verwijderde verkeerde dingen, keerde dingen om en dreef uit. Jezus was de tempel rigoreus aan het schoonmaken en reinigen. Dat zal in eerste instantie weerstand oproepen maar daarna zal het veel zegen brengen.

Herstel het gebed, het contact met God. Die zal laten weten wat verkeerd en scheef is. Die staat open voor mensen die berouw hebben. Laten we Jezus' voorbeeld volgen en onze gemeenten weer een huis van gebed maken. 

Dit thema oppakken in je gemeente?

Wij helpen gemeenten om zelf aan de slag te gaan met De Gemeente. Door toerusting, training of een workshop rusten we jullie toe om dit thema zelf op te pakken.

Bekijk ondersteuning

Meer zoals dit

Terug naar blog

Steun ons werk

Help ons om meer mensen te bereiken met het evangelie.

Doneer nu

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe artikelen en evenementen.